Auteurs: Nienke Homan

Dossier: De opmars van waterstof

Gasthoofdredacteur: Ad van Wijk

Er kunnen verschillende redenen zijn om snel over te willen schakelen naar groene waterstof en de grootste en belangrijkste reden is natuurlijk het tegengaan van klimaatverandering. Die klimaatverandering vindt snel, maar geleidelijk plaats. Niet met een schok waardoor iedereen ineens wakker is. Die schok hadden we in Groningen wel. We hadden er zelfs meerdere, in de vorm van aardbevingen door de winning van aardgas. De Groningers wilden dat er zo snel als mogelijk minder gaswinning werd toegestaan door het Rijk. Dan moet je als provincie Groningen natuurlijk het goede voorbeeld geven en ook versneld van het aardgas af. Om dat kracht bij te zetten, werd een ambitieus energietransitie programma opgesteld met als speerpunt het reduceren van het energiegebruik, waaronder aardgas.

Juist voor de provincie Groningen is dit een transitie; van oudsher werd hier  aardgas rijkelijk gebruikt in de zware industrie. Aardgas werd dus niet alleen gebruikt om huizen te verwarmen, maar ook als brandstof voor zware industrie en als grondstof voor bijvoorbeeld kunstmest en kunststoffen. 

Om in Groningen serieuze stappen te zetten om van het aardgas af te komen, moest er een plan van en voor de industrie komen. Een plan dat perspectief en hoop bood aan werknemers, maar ook aan investeerders. De meeste medewerkers van de bedrijven woonden in het aardbevingsgebied en de bedrijven waren grotendeels erg gemotiveerd om mee te denken en te werken aan een robuust toekomstplan. Tel daar het Klimaatakkoord van Parijs en de vorming van een Nationaal Klimaatakkoord bij op, en de Groningse Eemshaven en het chemiepark in de Eemsdelta vormden de ideale broedplaats voor een revolutionaire verandering: een industrie gebaseerd op groene waterstof. Deze broedplaats was voeding voor een serieuze investeringsagenda van 2,8 miljard euro. 

In deze investeringsagenda kwamen alle puzzelstukjes bijeen. De Eemshaven en de Eemsdelta vormen een uniek gepositioneerde locatie. Hier kan namelijk groene waterstofproductie worden opgeschaald. Zodoende wordt groene waterstofproductie betaalbaar. Boven Groningen heeft de Noordzee ruimte voor vele windparken, voor  grootschalige opwek van groene energie. Op dit moment draait er al een windpark op zee van 600 MW, wordt er een windpark op zee gebouwd van 700 MW en is er nog ruimte voor in ieder geval 15000 MW. Genoeg windenergie om de industrie te voorzien van groene stroom en de rest van de opgewekte stroom te gebruiken om groene waterstof te maken. Daarnaast begint het gassysteem in Groningen. Daardoor kan op een relatief  gemakkelijke en logische manier groene waterstof getransporteerd worden naar bijvoorbeeld industriële clusters in Nederland of Europa. 

Naast havens en windparken heeft Groningen ook kennisinstellingen die zich jarenlang hebben gespecialiseerd op energie. De Rijksuniversiteit Groningen heeft al vele onderzoeken gedaan, hoogleraren houden zich bezig met waterstof en ze zullen zich de komende jaren meer gaan richten op vergroening van de chemie en de energietransitie. Deze ‘Universiteit van het Noorden’ heeft als doel om het bedrijfsleven te laten floreren en baanbrekende innovaties in waterstoftechnologie en synthetische brandstoffen te realiseren. Ook hebben kennisinstellingen, overheden en bedrijfsleven zich verenigd in de New Energy Coalition: een unieke samenwerking die zorgt voor doorbraken in de energietransitie. Op EnTranCe van de Hanzehogeschool Groningen vindt open innovatie plaats waar ook mkb’ers toegang hebben tot testfaciliteiten en kennis. Ook op het MBO Energy College kan men de opleiding waterstoftechnologie doen. Deze unieke bundeling van kennis en praktijk van waterstof op alle niveaus maakt dat Groningen klaar is voor een echte groene toekomst.

Een groene toekomst die lang onzeker bleef. Want heeft iedereen dan nog wel werk? En wat voor werk dan? Veel Groningers wilden wel minder aardgas, maar wat er voor in de plaats zou komen was niet duidelijk. En net als met de woorden ‘klimaatverandering’ en ‘energietransitie’ schetsen we wel een situatie waarin we zitten, maar creëren we geen beeld van waar we naartoe gaan. En mensen houden niet van onduidelijkheid en onzekerheid. En eigenlijk ook niet van verandering. Dus als mensen in beweging moeten komen, dan hebben ze  een duidelijk perspectief nodig om naartoe te veranderen. Een hoopvol perspectief. En waterstof is een essentieel onderdeel van dat perspectief, omdat dat het einddoel concreter maakt. Niet alleen voor Groningen, maar voor heel Nederland. Voor heel Europa. En daarbuiten.

Zo wordt waterstof niet alleen de hoop en zegen van Groningen, maar wordt het ook het symbool van een nieuw energiesysteem. Daarmee is waterstof de invulling van de energietransitie en wapen in de strijd tegen de klimaatverandering. 

Voor meer informatie over de investeringsagenda waterstof Noord-Nederland:


Nienke Homan

(foto: Balanina Photography)

Nienke Homan (1979) is sinds 2015 gedeputeerde van de provincie Groningen; zij is onder meer verantwoordelijk voor energietransitie, klimaatadaptatie & -mitigatie en water.

Ze is lid van GroenLinks. In 2012 werd zij lid van de Provinciale Staten van Groningen. Ruim een jaar later werd ze fractievoorzitter. 

Voor ze gedeputeerde werd, werkte ze voor Greenpeace Nederland en in de jeugdzorg. 

In 2018 en 2019 onderhandelde Nienke Homan namens het IPO aan de industrietafel van het Nationale Klimaatakkoord.